dinsdag 28 februari 2017

Waartoe een groep in staat is

Graag breng ik jullie het waardecreatieverhaal over een lerend netwerk dat ik in opdracht van Het Punt-Steunpunt vrijwilligerswerk Brussel- mocht begeleiden. Van september tot februari gingen we samen op weg. Hieronder vind je het verhaal in 4 beelden en veel woorden. Een verhaal van waar een groep toe in staat is.

En zo kwamen ze bijeen, elk met zijn eigen verhaal en zijn eigen noden. Met de wil en de wens te leren van elkaar en expertise te vergaren. Van in het begin wilden zij veel en alles. Als sponsen die alles wilden opzuigen en elders wat droog is nat maken. Het leren was er in het hier en nu van de groep, maar vertaalde zich voortdurend naar het daar en dan van de organisatie. En er werd veel gepraat en uitgewisseld, soms te lang, te anekdotisch of te persoonlijk en vaak met het gevoel dat het te snel ging, te kort was. De vragen bleven komen en mondjesmaat ook modellen en kaders, die kunnen helpen te zien wat mogelijk is of anders kan.



Deze tools werkten als een spiegel voor de organisatie waar zij werken en voor zichzelf. Alles wat geleerd werd was nieuw, nuttig en haalbaar zowel op persoonlijk en taakgericht vlak voor wie in het lerend netwerk zat als ook voor de organisaties waar zijn deel van uitmaken. Ze leerden op taakgericht vlak heel wat nieuwe dingen van flexivol tot ijsbergen over de aanpak van diversiteitsvraagstukken en hoe je een gesprek op voeten kan doen. Dat nodigt uit om met deze tools verder aan de slag te gaan, erop te kauwen en ze in te masseren in je organisatie. Zij leerden op persoonlijk vlak over zichzelf en hun plek en rol in de organisatie. Soms leidde dat tot afscheid, soms tot een betere positionering en alleszins tot een verandering van mindset, van hoe je in dit werkveld staat. De mystery shoppers zorgden ervoor dat ook de groep zelf die spiegel kon zijn.
Gewapend met de tools en gesterkt door de spiegel die hen was voorgehouden, stonden ze nu sterker in hun  schoenen om te gaan doen wat zij willen doen. Er is immers nog heel wat werk aan de winkel in hun organisaties en tegelijkertijd is er ook het besef dat er al heel wat aan het bewegen is. Praktijkverhalen zijn daarin een leidraad, good practices én succesful failures.  Zo leerden ze zoeken naar een draagvlak in hun eigen organisatie. En zo leerden ze ook zichzelf en elkaar dragen. Ze beseften ze dat ze terechtgekomen waren in een groep van ware medestanders!

En nu is het tijd om te gaan: aan het einde van de rit is er veel werklust, de wil om te gaan toepassen, wat in de mindset gegroeid is: een inclusievere manier van denken en doen, een droom om in BXL meer mensen mee te nemen op het pad. Een web is gesponnen van nieuwe contacten en ideeën om nieuwe contacten uit te bouwen in deze zo veelzijdige stad. Er wordt gebroed op een heleboel ideeën. De oorspronkelijke doelen zijn verschoven en zoeken nu hun weg naar nieuwe projecten, met steeds die vraag in het achterhoofd: wat kan mijn bijdrage zijn aan deze wereld? De paardebloem in bloei strooit zijn zaadjes uit…benieuwd wat daar uit zal groeien…

Dit verhaal toont wat een lerend netwerk kan opbrengen en ook wat het niet is. Deze groep jonge mensen had misschien ook nog wel een grote nood aan vorming over dit thema. Het samen zoeken is een andere manier om tot kennis te komen, soms wat moeizamer maar wel steeds dichtbij de alledaagse praktijk. Een praktijk die me nog steeds zo vertrouwd is: het werken met vrijwilligers. Heel leuk om daar weer eens intensief mee bezig geweest te zijn. Ik ben ook heel benieuwd naar het product dat uit dit lerend netwerk zal komen: praktijkverhalen gekoppeld aan concrete tools waar ook anderen uit kunnen leren! En Deep Democracy zal er ook in aanwezig zijn, want in deze groep maakten we uitgebreid gebruik van de tools :-) En dat verdiepte de onderlinge relaties in de groep zeker! Er ontstond een SAMEN.

En waarde creëren we vooral samen. Daarom werk ik ook zo graag met groepen en teams. De letters van TEAM kan je immers zo invullen:  Together Everyone Achieves More!

Benieuwd naar wat een lerend netwerk jouw team of organisatie kan bijbrengen: contacteer me op info@goes-thing.be.

vrijdag 10 februari 2017

Waarom die roep naar een sterke leider?




Laat ons eens naar de samenleving kijken als naar een groep. En ik haal er even een oud model bij, dat van Tuckman. Hij zegt dat een groep steeds bepaalde fasen door moet voor ze een goed werkend team kan worden. De eerste fase is de honeymoonfase, de forming, de fase van elkaar leren kennen, mekaars geweldige kanten zien, alles loopt prima en soms loop je zelfs op wolkjes. Maar dan begint het echte werk. De storm komt op. De groep geraakt in hevig weer: er ontstaat discussie, mensen dreigen de groep te verlaten, het wordt soms onduidelijk waar we naartoe gaan en hoe dit zal aflopen. De stormingfase kenmerkt zich door een hoog niveau van chaos en gevoelens van onzekerheid, frustratie en ongeduld. Als de storm weer gaat liggen en mensen hebben hun verantwoordelijkheid opgenomen voor zichzelf en voor elkaar, voor de resultaten én voor de relaties, dan kan er een fase inzetten van norming: er ontstaan nieuwe regels en afspraken en vervolgens performing: we kunnen goed met elkaar samenwerken, de groep versnelt zelfs haar activiteiten en iedereen werkt op zijn maximale capaciteit.

Als we dit plaatje op onze samenleving vandaag zetten is het duidelijk dat we in de stormfase zitten. De uitdagingen zijn levensgroot en levensbedreigend zelfs. Ik noem er twee die het voortbestaan van onze planeet aantasten als we er niet mee leren omgaan: migratie en de klimaatopwarming. Het zijn uitdagingen die soms zelfs in ‘storm’taal gevat worden: overspoeld worden door migranten, het water staat ons aan de lippen, hoogtij(d) voor klimaatactie, vluchtelingentsunami,...
In het oog van een storm voelen mensen zich bedreigd, onzeker en is het in zekere zin ook ieder voor zich, redden wie zich redden kan. En dan staat er ineens een sterke leider op die zegt: langs hier, dit is de weg, ik ga jullie redden. En zelfs als die leider dan alles is wat jij niet bent, zelfs als je het niet helemaal eens bent, is op een bepaald moment ‘een’ uitweg belangrijker dan welke uitweg. In plaats van je eigen verantwoordelijkheid op te nemen, je eigen leider te zijn, kan je je karretje aan iemand anders hangen. Dat geeft een (soms vals) gevoel van veiligheid en zekerheid. Het is comfortabeler, want we kennen het. Het appelleert aan oude patronen  uit onze samenleving, de ‘goede oude (feodale!) tijd’.

En sterke leiders vervullen ook een emotionele behoefte. Zij triggeren de hoax (broodjeaapverhaal) dat jij niet je emoties controleert maar dat anderen dat doen (“jij zorgt ervoor dat ik me ... voel”). In werkelijkheid is dat niet zo. Denk maar even na: als we met 300 mensen naar dezelfde film gaan, krijgen we wel dezelfde emotionele stimuli aangeboden, maar we reageren toch allemaal verschillend: de ene huilt tranen met tuiten terwijl de ander er onbewogen bij zit, iemand vindt het de beste film ooit terwijl iemand anders het maar niks vindt. Er komen emoties bij ons op waar we ons tevoren misschien nog niet bewust van waren, maar dat wil niet zeggen dat we er niet verantwoordelijk voor zijn, dat we een keuze hebben en dat dit kan veranderen. Dat vraagt soms lef en moed, durven in de spiegel kijken, werken aan jezelf. In de samenleving vandaag de dag is er niet veel ruimte voor emoties en staan we soms veraf van wat we echt voelen, wat onze emotionele behoeftes zijn. Telkens wanneer we in Deep Democracy-sessies de vraag stellen ‘Wat heb je nodig om mee te kunnen gaan?’ merk ik dat mensen snel zeggen ‘niets hoor’ en willen dat die aandacht op hen zo snel mogelijk weer ophoudt. Toch merken ze later bij zichzelf op dat iets hen in de weg zit om mee te kunnen gaan in een beslissing. En terecht, want zij zijn de dragers van de wijsheid van de minderheid, misschien nog onbewust. 

De sterke leider doet het anders: hij neemt in jouw plaats de beslissingen, hij controleert jouw emoties. Hij neemt je emotionele noden mee in een sterk verhaal, hij belooft dat je je beter zal gaan voelen als je hem volgt. Dat is een grote verleiding vandaag. Willen we dit? Willoze poppen zijn? Sommigen doen ons graag geloven dat het zelfs voor onze bestwil is als we het ons wat minder zouden aantrekken, niet teveel piekeren over deze of gene beslissing, ons laten leiden,...
De sleutel tot verandering is dus dat mensen hun eigen leiderschap gaan opnemen over hun emoties, ideeën en wat zij willen doen in deze wereld. Het alternatief bestaat erin niet langer je gevoelens, dromen, hoop en wensen te projecteren op een sterke leider of op andere gemarginaliseerde groepen, maar zelf de uitdaging aan te gaan. In de chaos vandaag zijn er zeker sporen van mensen die deze weg bewandelen, een weg van vernieuwing en hoop. Denk maar aan de vele protestmarsen van de vrouwen met de roze mutsen op, aan de burgerinitiatieven die een grote aanhang kennen, aan zelfsturende teams op werkvloeren, aan coöperatieve bewegingen en bedrijven,... zij groeien... tegelijk met de groei en dreiging van steeds meer dictatoriale en autocratische leiders.

Vanuit Deep Democracy willen we mensen versterken in het opnemen van eigen leiderschap, in het terugnemen van projecties op een leider en zelf authentieke keuzes maken. Het is zeker niet de meest evidente weg en een trage weg soms, maar wel de meest duurzame op termijn. En ze vertrekt vanuit een diep respect voor alles wat leeft op onze planeet. Dat kunnen we niet zeggen van het snelle en brute antwoord dat de ‘sterke leiders’ ons op dit moment bieden. Hun antwoorden komen vaak ten goede aan een elite, al laten ze uitschijnen ‘het volk’ te dienen.

Ik hoor veel mensen bv. zeggen over Trump: hij heeft de stem van de minderheid gehoord en begrepen. Ik ben het daar niet helemaal mee eens. Hij heeft de stem van mensen die zich onderdrukt en genegeerd voelen gebruikt en opnieuw misbruikt voor zijn eigen gewin. Heeft hij werkelijk geluisterd naar wat zij vertellen, naar waar zij van dromen, wie zij willen zijn of heeft hij alleen hun misnoegen, ontevredenheid en onzekerheid geprojecteerd op de tegenstander in de hoop zo hun stemmen te winnen. Als iemand kan aangewezen worden als de schuldige voor al jouw leed (“jij hebt mij dit aangedaan”) dan is diegene die je dat vertelt misschien je redder wel? Dat is een ziekmakende psychologische strategie, waar vooral mensen gevoelig aan zijn die in deze samenleving het slachtoffer zijn van publiek misbruik of publieke verwaarlozing.

Mindell geeft een lijst van voorbeelden van wat hij bedoelt met ‘public abuse’:
  • Het gebeurt bij familiebijeenkomsten waar er op sommige mensen wordt neergekeken omdat ze niet beantwoorden aan de vaak onuitgesproken (familie)norm.
  • Het gebeurt in scholen die kinderen op de vingers tikken omdat ze de regels niet volgen, die alleen meerderheidswaarden en geschiedenis onderwijzen en bepaalde communicatiestijlen handhaven zonder het verschil op te merken.
  • Het gebeurt in bedrijven die economisch succesvol zijn op kap van het milieu, minderheidsgroepen en de noden van individuele werkers.
  • Het gebeurt in openbare diensten, zoals de politie, die minderheidsgroepen lastigvallen.
  • Het gebeurt in de kranten die bepaalde informatie niet brengen over gemarginaliseerde groepen.
  • Het gebeurt in de media die óf minderheidsgroepen met negatieve stereotypen beladen alsof ze allemaal criminelen of onbetrouwbare werknemers zijn óf die minderheden negeren en alleen reflecteren over het leven van de dominante groep.
  • Het gebeurt door banken die de midden- en hogere klassen en hun zaakjes bevoordelen en steunen.
  • Het gebeurt door religieuze groepen die zondaars willen straffen of niet-leden zich slecht laten voelen omdat ze geen enkele kans zouden hebben op bevrijding.
  • Het gebeurt in de medische zorg waar de gevoelens van patiënten genegeerd worden.
  • Het gebeurt in de psychologie die claimt dat bepaalde gemoedstoestanden losstaan van wat er in de samenleving gebeurt en die mensen met andere denkbeelden ziek of gek verklaart.

Deze lijst zou nog veel langer kunnen zijn. Wat Mindell vooral wil aantonen is dat als we ons niet bewust zijn van hoe macht werkt en hoe onbewust een bepaalde rangorde tussen groepen bepaalde mensen onderdrukt, begrippen als vrijheid en gelijkheid holle woorden blijven. We kunnen maar werken aan vrijheid en gelijkheid, aan mensenrechten als we ons bewustworden van onze eigen geprivilegieerde positie en erkennen dat dit voor anderen niet het geval is. Dat de samenleving gebouwd is op het horen van de stem van een welbepaalde groep. Een democratische samenleving zegt al snel dat dit voor hen niet het geval is. Juist de mythe van de meerderheidsdemocratie zorgt ervoor dat sterke leiders een grote aanhang krijgen. Mindell zegt het zo: “Democratic societies that believe they have a policy of nonagression are guilty of public abuse.” Hij pleit voor oorlog! Als we niet met elkaar het debat en zelfs het conflict aangaan, kunnen we geen gezonde samenlevingen worden. 

Ook als facilitatoren, leiders, leerkrachten en sociaal werkers staan we hier niet buiten. We kunnen daders zijn van publiek misbruik. Of we zijn zelf slachtoffers of staan naast slachtoffers. Vandaaruit willen we soms zorgen voor mensen die gekwetst zijn, willen we hen beschermen. En dan dekken we soms het conflict of de spanning toe, brengen we vooral een boodschap van harmonie. Helpen we mensen daarmee? Ik denk het niet. Deep Democracy breekt een lans om álle stemmen te kunnen horen, dat álle stemmen aanwezig zijn. Daarom is het soms nodig om die stemmen te laten horen die er niet zijn in een discussie, zodat ze kunnen uitspelen, met elkaar in conflict kunnen gaan. Dit is een pleidooi om niet alleen te praten onder gelijkgezinden, om niet alleen politiek correct te spreken over wat je ziet gebeuren, maar om tegenspraak actief op te zoeken. Onszelf te confronteren met de minderheidsstem die ook in onszelf aanwezig is of je stem te laten horen want als lid van de meerderheidsgroep ben jij soms ook een minderheid, ben jij soms ook anders. Het is een oproep om je uit te spreken!

Ik kom net van een training interculturele communicatie voor ambtenaren. In de evaluatie vielen me twee zaken op. De groep apprecieerde het enorm dat mensen niet de schijn hadden opgehouden maar echt met elkaar in gesprek waren gegaan, alle kanten durfden op tafel gooien en ook persoonlijk hadden gedeeld. En mensen gaven ook aan dat als we op die manier met elkaar in gesprek gaan een cursus interculturele communicatie veel meer wordt, het wordt leren over het leven zelf. We worden als mens aangesproken. En we stellen onszelf de vraag: wat ga ik doen? Hoe denk ik hierover? Wat kan mijn bijdrage zijn aan deze wereld? We worden bewust en nemen onze verantwoordelijkheid voor onszelf en voor de ander. Respect is dan geen loos woord, geen synoniem voor passieve verdraagzaamheid, maar het is echte zorgzaamheid. En is dat niet precies wat échte leiders doen voor hun team, hun gemeenschap, hun volk: zorg dragen dat alle stemmen gehoord worden, dat alle stemmen er mogen zijn!

vrijdag 6 januari 2017

Vrede in 2017!


Ik wens jou, je familie, je collega’s op het werk, je kameraden in engagementen en vooral de wereld in 2017 VREDE toe.  

PEACE,om het met mijn favoriete vijfletterwoord van 2016 te zeggen.

PEACE staat voor

Praat vrijmoedig
...en volg in 2017 een Deep Democracycurus als je je verder wil bekwamen!
En-en denk en handel
...en ga niet mee in wij-zij, vreemd-eigen discoursen. Wees een Held en ben je het nog niet: lees mijn boek :-)
Aanvaard Anderszijn
...en kom eens luisteren op een Thee & Taartbijeenkomst naar andere stemmen
Creëer coöperatief
...en ga samenhuizen, samentuinieren, teamteachen, duobanen,...of nodig Goesthing uit om samen met jouw groep of organisatie te werken aan de vredevollere wereld
Ervaar eigenwaarde
...en doe een dankbaarheidsmeditatie af en toe: dankbaar dat jij er bent!

Fanny

maandag 5 december 2016

Zwarte Trump: een eigenzinnige kijk vanuit Deep Democracy



Deep Democracy is een filosofie, theorie en een praktische methodiek die verschil bespreekbaar wil maken en komen tot een gedragen besluitvorming. De methode ontstond in het postapartheidstijdperk in Zuid-Afrika waar blank en zwart, tot dan toe gescheiden werelden, met elkaar moesten gaan samenwerken terwijl racisme en uitsluiting welig tierden.

Deze dagen kan ik me niet van de indruk ontdoen dat we ook in dagen van verdeeldheid leven. In de VS is na de verkiezingen een verdeeld volk achtergebleven. Zowel tijdens als na de verkiezingen lijken een aantal muren gesloopt over wat je kan zeggen en doen met je medemens. Zeker als die medemens donker is, vrouw is, moslim is.
De methode Deep Democracy maakt het mogelijk dat gezegd wordt wat er gezegd moet worden en dat alle stemmen gehoord worden. Mensen vragen me dan en ik vraag het me ook af: kan en wil je wel met iedereen blijven praten? Wil ik met Trump in dialoog? Hadden we met Hitler moeten spreken? Is er een grens? Mag hier een oordeel zijn? Is er een manier om deze mensen te stoppen? En het gaat niet eens om die figuren, maar vooral om een hele massa mensen die deze meningen delen en er oprecht van overtuigd zijn dat diegenen die zij als leider kiezen de juiste weg bewandelen. In de analyses zien we dat over deze mensen gezegd wordt dat ze vaak uit angst voor verlies (van welvaart en waarden) deze keuze maken. Of zijn het vooral mensen wiens stem allang niet meer beluisterd werd? Maar nu zij de dominante groep vormen, wat gebeurt er dan met zij niet niet voor Trump gekozen hebben: worden zij nu de minderheidsstem die ondergronds zal gaan? Die zal revolteren zoals we nu al zien of op veel bedektere manieren zal gaan saboteren, zich afkeren van de eigen samenleving,…

Hetzelfde gevoel krijg in bij de koloniale Pietdiscussie. En ik zeg hier bewust koloniale Piet, want is dit niet de gevoelige zone waar de hele discussie om draait? Wat mij in deze discussie vooral opvalt, is dat het veelal een gesprek tussen mensen van de dominante witte groep is. Zij hebben het witte privilege om uit te maken of iets al dan niet racisme is, of iets al dan niet kwetsend is, lijkt het wel. Wordt er met de mensen gepraat om wie het gaat? Is dat dan een zwarte minderheidsstem? Of is hier ook een soort van minderheid de witte groep die zich bedreigd voelt in zijn waarden , die tradities ziet teloorgaan. Is het een gevestigde groep die niet weet om te gaan met de snel veranderende samenleving om zich heen? Ja, naar wie moet hier eigenlijk geluisterd worden?

En dat brengt me naar een verscherping van wat we vanuit de methode Deep Democracy ons als doel stellen. ‘Zeggen wat er gezegd moet worden’ is niet hetzelfde als schelden, beledigen, wild om je heen slaan, hele bevolkingsgroepen veroordelen, stereotyperen en discrimineren. Zeggen wat er gezegd moet worden, gaat om zeggen waar het echt over gaat, wat er voor jou toe doet, wat voor jou waar en heilig is. Daarvoor moeten we soms door een fase van geroep en getier, escalatie van een conflict. In deze methode gaan we ervanuit dat we de hevige gevoelens die gepaard gaan bij deze conflicten niet gaan wegduwen, verzachten (al dan niet met een pilletje) of negeren; nee we gaan ze juist naar boven halen, beleven en vanuit de polarisatie die ontstaat de ‘echte’ kwestie naar boven halen. Als dit gebeurt in groepen voel je de energie veranderen. Want ten diepste willen mensen vaak hetzelfde: in vrede en veiligheid kunnen leven, graag gezien worden, kunnen zorgen voor hun naasten.

In de dialoog die tot deze inzichten en belevingen leidt, lijkt met mij dat we twee principes moeten meenemen. Het eerste is het principe van de bevordering van interactie, van de dialoog. Dat houdt voor mij inderdaad in dat je blijft spreken met elkaar, niet om te overtuigen, niet om iemand om te praten of te bekeren, wel om te weten te komen en kunnen erkennen wat waar is voor hem/haar/hen. En erkennen is niet hetzelfde als gelijk geven. Je kan iemand erkennen én er je eigen gelijk, je eigen waarheid naast leggen, of tegenover stellen. Dat is net wat we doen als we een conflict gaan uitspelen en polariseren: vanuit de erkenning dat niemand het monopolie heeft op de waarheid en dat we alleen met elkaar kunnen spreken over wat we waarnemen en voor waar aannemen.

Een tweede principe is voor mij het principe van niet-uitsluiting. Als iemand zegt vanuit een racistisch standpunt dat anderen geen mensen zijn en dus geen recht tot spreken, dan verhindert die de dialoog. Dan kan je niet anders in mijn ogen dan als facilitator stelling in te nemen en deze mensen uit de stilte te halen, uit het zwijgen en hen het recht op spreken geven. De bottomline of leidraad daarin voor mij zijn dan misschien wel de mensenrechten. Ook al is deze verklaring verre van volmaakt en soms ook moeilijk werkbaar omdat ze botsende waarden bevat, het is tot nu toe de beste poging om een wereld vorm te geven waarin er recht op leven is op deze planeet voor iedereen.

Als je morgen aan besluitvorming doet als president of in welke functie dan ook: vergeet dan niet te luisteren naar de wijsheid van de minderheid.

Als je morgen een kinderfeest wil vieren: geef hen vooral dan je liefde en oprechtheid. 


Dear Mr. President,
Come take a walk with me
Let's pretend we're just two people 
And you're not better than me
I'd like to ask you some questions
If we can speak honestly



dinsdag 8 november 2016

It’s all about LOVE?


Migratie is van alle tijden, maar de diversiteit van onze maatschappij kent vandaag een hoogtepunt; deze superdiversiteit roept bij vele mensen onzekerheid op, verwarring, angst en weerstand. Kan liefde daar een antwoord op bieden?

In de praktijk van de zorg vandaag doen hulpverleners het ‘anders’. Vaak worden zij gezien als soft, naïef, idealistisch. Wat als zij nu net de praktijken laten zien en de talenten ontwikkelen die we nodig zullen hebben in de samenleving van morgen? Zelf zeggen ze dat ze heel gewone dingen doen, maar in deze context en in de organisaties waar zij werken zijn zij ware helden. Zoals Rosa Parks, de vrouw die ten tijde van de rassensegregatie in de VS bleef zitten op de bus. Ze plantte zo de kiem van wat later een burgerrechtenbeweging zou worden. Zij is een held en ik ontmoet in mijn werk als coach en trainer veel van die helden in de zorg. Zij ontwikkelen LOVE-talenten en beoefenen PEACE-praktijken. Laat me jou een verhaal vertellen:
Jaren geleden gaf een professor aan de John Hopkins Universiteit (Baltimore, VS) zijn studenten de volgende opdracht: ga naar de sloppenwijken. Neem 200 jongens tussen 12 en 16 jaar oud, onderzoek hun achtergrond en omgeving. Voorspel dan hun toekomstkansen.  
De studenten doken in statistieken, praatten met de jongens, analyseerden data en kwamen tot de conclusie dat 90% van deze jongens enige tijd in de gevangenis zouden doorbrengen.  
Vijfentwintig jaar later gaf de professor een andere groep studenten de opdracht om deze voorspelling te gaan testen. Zij gingen terug naar dezelfde plaats. Sommige jongens van toen, nu mannen geworden, leefden daar nog steeds, sommigen waren gestorven, sommigen verhuisd, maar ze vonden 180 van de 200 jongens uit oorspronkelijke onderzoekspopulatie. Ze stelden vast dat slechts 4 jongens van deze groep ooit in de gevangenis hadden gezeten.  
Hoe kwam het dat deze mannen die nochtans opgroeiden in een broedplaats van misdaad zo’n verrassend goede score haalden? Aan deze onderzoekers werd voortdurend verteld: “Wel, er was een leerkracht…” 
Ze gingen hierop door en ontdekten dat het in 75% van de gevallen ging om dezelfde vrouw. De onderzoekers gingen naar deze leerkracht, die ondertussen in een rusthuis voor gepensioneerde leerkrachten woonde. Ze vroegen haar hoe zij zo’n indrukwekkende invloed had gehad op deze kinderen? En of zij hen een reden kon geven waarom deze jongens zich haar zo herinnerden. “Nee”, zei ze,” ik weet het niet”. En dan, de jaren overschouwend, zei ze mijmerend, meer tegen zichzelf dan tegen de onderzoekers: ”Ik zag die jongens graag.”
In de zorg moeten we CARE weer centraal stellen naast CURE. Een doorgedreven patiëntgerichte benadering, waarbij we uitgaan van de echte noden en behoeften van wie onze zorg nodig heeft in plaats van een evidencebased benadering die er vooral op gericht is de professionals in te dekken tegen schadeclaims en hun werkuren te verantwoorden. We lopen vast in ons zorgsysteem. De vele helden die ik ontmoette, kleuren buiten de lijntjes, lappen soms regels aan hun laars en doen wat zij aanvoelen als ‘het goede’. Fatsoenlijke zorg voor fatsoenlijke mensen, is dat niet de bottomline waar het op neerkomt, ook voor de zorg in een superdiverse samenleving? Laten we even kijken naar een voorbeeld:
Een thuisbegeleidster in de psychiatrie vertelt me het volgende verhaal. Een patiënt bij wie ze al een tijdje aan huis kwam, begint seksueel getinte toespelingen te maken op hun relatie. Aanvankelijk is ze geschokt en weet ze niet wat te doen hiermee. Tot ze deze opmerkingen echt serieus neemt en met de man in gesprek gaat en de onderliggende seksuele behoefte duidelijk wordt. De thuisbegeleidster beseft dat ze zoveel om deze man geeft dat ze hem niet aan het prostitutiemilieu wil overlaten om aan zijn behoefte te voldoen. Zij zoekt en vindt professionele seksuele hulpverlening. Dit zit niet in haar taakomschrijving, noch is het een interventie die haar organisatie actief zou ondersteunen, maar ze doet het, uit respect, voor hem.
Deze hulpverleenster getuigt van Ootmoedigheid, een combinatie tussen beroepseer en de nederigheid om je eigen referentiekader in vraag te durven stellen. Het is één van de LOVE-talenten die ik benoem in het boek ‘Mijn held is een hulpverlener’.

Het zijn net deze verschilvragen, deze ontmoetingen met wie verschillend is, de uitdagingen van het omgaan met andere waarden en normen, die ons uitnodigen de essentie van wat zorg is terug onder de loepe te nemen. En zo ervoor te zorgen dat er een gepast zorgaanbod is voor iedereen in deze samenleving. Graag ‘soft’ en liefdevol … als dat al niet meer kan in de zorg?!

Meer weten?
Lees het boek - Boek een lezing - Schrijf je in voor de vormingsreeks ‘zorg en zelfzorg in een superdiverse samenleving’. Alle info op www.goes-thing.be

donderdag 11 augustus 2016

Leven is het meervoud van Lef


Europa - maar laat ons niet vergeten: nog veel meer andere plaatsen in de wereld – worden opgeschrikt door aanslagen, brutaal geweld op weerloze slachtoffers. Zijn we in oorlog? Is dit dan die derde wereldoorlog, waarover gesproken wordt? En moeten we ons daarnaar gedragen met een Patriot Act, afkondiging van dreigingsniveaus, afsluiten van grenzen en afkondigen van de noodtoestand. Dus vooral inzetten op het creëren van een gevoel van veiligheid, dat tegelijkertijd de angst voedt en vijandsbeelden levend houdt. Want in een oorlog is er steeds wij en zij, de goeden en de slechten, de daders en de slachtoffers, waarden die het winnen van barbarij.

Ik hoor ook een andere stem, een stem die spreekt over de duiding van de daden van de geweldplegers. Een duiding die uiteenloopt van het zijn psychisch gestoorde lone wolves tot het zijn goed betaalde criminelen tot het zijn vertolkers van een malaise in deze samenleving. Deze duidingen roepen alleszins op tot andere gevoelens dan louter angst: ze willen ook empathie oproepen en nodigen uit tot zelfkritiek. Want als het psychisch gestoorde mensen zijn die dit doen, investeren we dan misschien niet genoeg in traumatherapie en in een gepast onthaal en opvang voor wie zijn land ontvlucht? Als het criminelen zijn, is er dan geen legaal werk voor hen te vinden misschien, is er sprake van discriminatie op onze arbeidsmarkt? Als het wanhoopskreten zijn, hoe kunnen we dan werken aan het erbij horen in deze samenleving, de Vlaamse, Belgische, Brusselse of wereldsamenleving? Deze vragen nodigen alleszins uit tot meervoudig kijken. Maar daar heb je wat lef voor nodig.

Lef komt van het Hebreeuwse woord ‘lev’ wat hart betekent. Als je met je hart kijkt naar wat er gebeurt in deze wereld stel je andere vragen en kom je met andere ideeën en oplossingen, die misschien niet zo populair zijn, niet op korte termijn oplosbaar en die je niet eenzijdig kan nemen. En ik roep iedereen op, maar zeker ook onze politici, om deze dagen wat meer lef te hebben. Ik las in het boek Kairos over het verschil tussen oikos en polis bij de Grieken. Maatregelen in het samenleven op vlak van ‘oikos’, waar ons woord economie van is afgeleid, betreffen het dagelijkse korte termijn denken, het afmeten en berekenen van wat hier en nu nodig is. Polis, en daar komt het woord politiek van, gaat over de grote dromen, de grandioze ideeën, de utopieën. In het beleid dat nu gevoerd wordt, merk ik weinig polis en veel oikos. In functie van nakende verkiezingen, in de waan van de dag worden maatregelen genomen die soms niet eens nieuwe maatregelen zijn maar een bevestiging van de bestaande orde, van het lopende huishouden.

Vraagt deze tijd niet net om verder durven denken dan dat en kijken op de lange termijn wat er nodig is, durven stilstaan bij een droom van een samenleving waar we naartoe willen. Dat vraagt Lef, van een politicus, van een dienstverlener, van een leerkracht, van ieder van ons. In de woorden die je spreekt, in je handelen steeds die droom voor ogen houden van een ecorechtvaardige samenleving. Dat kan je alleen doen als je daarin de verschillende stemmen durft beluisteren, vanuit empathie meervoudig leert kijken en wars van conventies doet wat juist en goed is. Met Lef creëer je samen-Leven. Een samenleven dat volgens Hannah Arendt, die zelf in een totalitaire samenleving leefde, fundamenteel getekend is door pluraliteit, door het recht om van elkaar te mogen verschillen.

Wat voorbeelden uit de actualiteit die voor mij getuigen van Lef:

  • Angela Merkel blijft zeggen ‘wir schaffen das’ en jaagt zo een hele bende collega-natieleiders tegen zich in het harnas, verliest steun ook in eigen land, maar oogst lof op mensenrechtenfora, internationaal, bij haar eigen bevolking. 
  • In de moslimkrant staat een opinie van Marlijn De Jager, lid van een Joodse organisatie die sympathiseert met de als radicaal bestempelde moslim Abou JahJah. Wars van wij-zijdenken beaamt zij wat ze waar en juist vindt in zijn woorden. Los van wij-zijdenken publiceert de moslimkrant deze opinie. 
  • Adil Marrakchi, 34 jaar, spreekt zich uit in de campagne “Ik ben Vlaming, Mag ik ook fier zijn?” van het Minderhedenforum: “De reacties op het ongeval van die jongen uit Genk hebben diepe wonden geslagen. Te veel mensen denken nog steeds in termen van wij en zij, maar wij zijn allemaal Vlamingen, of we dat nu willen of niet. We leven in een nieuwe tijd, en we kunnen pas vooruit als we er in slagen samen uit dat wij-en-zij-denken te stappen.” 
  • Vrouwen verbrandden de burqa’s die Daesch hen dwong te dragen na de bevrijding van hun woonplaats Al-Kaleji: https://www.facebook.com/ajplusenglish/videos/774110249397151/
  • Boodschappen van liefde en hoop na de aanslagen in Duitsland: https://www.facebook.com/Avaaz/videos/10154028342658884/

Ik nodig je uit om ook met Lef in het leven te staan. Wil je er meer over lezen? Op 20/9 komt mijn boek uit, waar ik ook schrijf over Lef, met een L, de eerste letter van LOVE.

maandag 20 juni 2016

Globetrotter





De zomer breekt aan en wilde reisplannen worden gesmeed. Ook ik kijk er naar uit met mijn gezin even alles los te laten en ons onder te dompelen in de weidse natuur en culturen van Tanzania. En toch ben ik de laatste maand al heel wat op reis geweest. Als reizen betekent je laten inspireren door de wereld, dan liggen er elke dag wel kansen te wachten. Ik deel er enkele van met jullie.

Op het leerpad van Deep Democracy neem ik deel aan supervisiegroepen. Maandelijks oefenen we onze skills en metaskills door anderhalf uur te dialogeren met mensen van over de hele wereld die Deep Democracy willen uitdragen: Danielle, Anna, Lisette in Nederland, Belamie in Shanghai, Aftab in Vancouver, Wendy in Zuid-Afrika, Marianne in Denemarken. Zoveel boeiende mensen ontmoette ik al op mijn leerpad. Hoe deze methode zich ontvouwt in de verschillende landen, welke uitdagingen we daarin tegenkomen, kan er besproken worden. We zijn zelf allemaal heel verschillend in rollen die we opnemen, settings waar we werken en daar leren we uit. We schuwen het niet soms flink te argumenteren met elkaar. De wrijving maakt glans. De inzichten en wijsheid die in de verschillende supervisiegroepen ontstaan, worden gedeeld met elkaar. Zo kan je leren van anderen zelfs als je er niet bij was. Wonderlijk zelfs om te ervaren dat thema’s waar jij mee bezig bent door andere groepen worden opgenomen en er jou ideeën worden aangereikt om weer verder mee aan de slag te gaan. Inspiratie uit de wereld!

In de Thee en Taart bijeenkomst in juni hadden we AlainNlandu op bezoek. Alain werkt als etnopsycholoog bij Solentra. Hij probeert er jongeren en hun gezinnen te oriënteren in deze samenleving, die toch wel heel verschillend is van de samenlevingen in het land van herkomst. Alain kan gepassioneerd vertellen. Hij had naast psycholoog zeker ook acteur kunnen worden. Hij nam ons mee in zijn verhaal naar het werk dat hij deed met de straatkinderen in Congo, waar hij zijn vak leerde. Hij initieerde ons in wat een groepscultuur werkelijk betekent. Hij stelde ons vragen waardoor we aan het twijfelen gingen: wat is nu het best om te doen? Tot we ons realiseerden dat we als hulpverleners vooral moeten leren luisteren naar ons hart, daar ligt vaak het antwoord. En ook de universaliteit van ons werk zien: de zorg van ouders om kinderen, dat delen we allemaal. Hoe we daar uitdrukking aan geven verschilt. Alain zette ons weer een stap verder op weg naar intercultureel hulpverlenen. Inspiratie uit de wereld!

Vorige week nam ik deel aan een panelgesprek over wat de jeugdhulpverlening kan betekenen voor de groeiende groep van niet-begeleide minderjarige vluchtelingen in ons land. We moesten elk een stelling innemen. De mijne luidde: ‘Doe niet aan aan een vluchtelingenkind wat je je eigen kind niet zou aandoen.’ Waarmee ik inging op de heersende realiteit dat deze kinderen vaak van plek moeten verhuizen, vaak alleen professionele begeleiders zien en zelden de warmte van een persoon, vaak het gevoel hebben niet gehoord te worden in hun verhaal, in wat ze nodig hebben,… En soms eenvoudigweg omdat er geen gedeelde taal aanwezig is. ‘De sector’ stelde dat er geen hulpverleners zijn op dit moment met een meertalig en bicultureel profiel, die een rol zouden kunnen spelen in het slaan van bruggen naar deze jongeren. Dat sprak ik ten stelligste tegen. Ik heb hen toch bij mij op de schoolbanken zitten? Binnen het keuzevak Interculturele begeleiding bij Toegepaste Psychologie, bij het postgraduaat Interculturele hulpverlening studeren elk jaar prachtige mensen af met heel wat bagage. Zij vinden geen werk, keer op keer niet en besluiten  dan vaak om in zelforganisaties, in het ‘eigen circuit’ te gaan werken. En ik ontmoet bijna elke week wel iemand die binnen de hulpverlening heeft gewerkt in het land van herkomst. Denk aan Mona, die we ontvingen op een Thee en Taartbijeenkomst: ze spreekt 6 talen, is afkomstig uit Iran, studeerde in Syrië en werkte er in een kindertehuis, werkte vervolgens in Turkije met jongeren en leeft nu hier in Brussel. Wordt zij gezien als een potentiële collega of is ze vooral een vluchtelinge? Laat ons eens een andere bril opzetten. En geen kans meer missen  om wederzijds te leren. Ik geniet alleszins van die ontmoetingen met mijn studenten en met collega’s. Inspiratie uit de wereld!

Als vrijwilliger ben ik geëngageerd in Oxfam-Wereldwinkels. Met onze lokale groep in Mechelen hebben wij een partnerband met een startende coöperatie van overwegend vrouwen in de cacaoteelt. De uitdagingen voor hen zijn enorm. Zo is er nog steeds veel noodgedwongen kinderarbeid in de cacao: omdat kinderen mee voor een inkomen porberen te zorgen, omdat kinderen niet naar school kunnen, omdat het een vastgeroeste gewoonte is, omdat er veel kinderen zonder papieren zijn die geen rechten hebben. Als consumenten en producenten zijn we verenigd in de strijd. Op de dag voor de rechten van het kind sturen we hen daarom een applaus voor hun inspanningen. En ik lees die avond in mijn mailbox het volgende antwoord van Olga, voorzitster van de coöperatie: Merci au groupe Oxfam Malines pour votre soutien aux actions de la Coopasa. En effet, la Coopasa s'implique fortement dans la lutte contre les pires formes de travail des enfants de producteurs de cacao en les sensibilisant sur leurs différents droits, surtout le droit à l'éducation. Grand merci pour votre pensée à notre endroit. Nous vous saluons tous! Chaleureusement. Kleine gebaren van verbondenheid wereldwijd. Inspiratie uit de wereld!

En graag nodig ik jullie uit om geïnspireerd door de wereld zelf de wereld te inspireren door wie jij bent en wat jij doet. En reik daarin de hand naar anderen! Zoek elkaar op, ont-moet en verbind! Margaret Mead, een groot antropologe, zei immers: