vrijdag 17 november 2017

Witte privileges: een nieuwe splijtzwam of een kantelpunt in ons ontmoeten?





Laat me deze blog beginnen met een compliment dat me bezighield. Het is natuurlijk altijd fijn om waardering te krijgen en ik leer steeds meer dit ook te ontvangen J, maar dit compliment had voor mij een dieper laagje. Het kwam van Mohamed Barrie, een jonge veelbelovende spreker in het postgraduaat interculturele hulpverlening dat ik coördineer. Hij is sociaal werker en studeert nu voor zijn master. Ik nodig hem uit bij mijn studenten om met hen een namiddag te werken rond ‘Decolonize your mind’.  Dat is de titel van de les waarin we ons proberen bewust te worden van ons wit-zijn en alles wat daarbij hoort, zoals ook witte privileges.
Laat me starten met even te definiëren wat witte privileges zijn, mocht jij er als lezer nog niet van gehoord hebben. Ik neem even de omschrijving door Peggy McIntosh: “Ik ben white privilege gaan zien als een onzichtbaar pakketje van onverdiende bezittingen die ik elke dag kan verzilveren, maar waarvan het de ‘bedoeling’ was dat ik er me er niet bewust van zou zijn. White privilege is een onzichtbare, gewichtsloze knapzak met speciale proviand, kaarten, paspoorten, visa’s, kleren, gereedschap en blanco cheques.”
De term werd eigenlijk eerst gebruikt in de feministische beweging waar er werd gesproken over mannelijke en vrouwelijke privileges. De term wit privilege heeft ook een historische context: het was het voorrecht voor de regerende katholieke monarchen of vrouwen van katholieke monarchen om in het wit op pauselijk audiëntie te verschijnen. Andere vrouwen moesten zwarte kleding en een sluier dragen. 

De essentie van witte privileges is dat ze een aanklacht zijn tegen ongelijkheid die te vaak wordt gepareerd met het motto: je moet je kansen grijpen. Witte privileges tonen aan dat zelfs als je dit als niet-witte persoon doet, je toch vaak niet in dezelfde positie bent als een witte persoon. En het woord ‘wit’ interpreteren we dan niet louter als huidskleur, maar wit in de zin van behorend tot de dominante groep in de samenleving. Wat meteen dus ook wil zeggen dat in andere delen van de wereld ‘de witte mensen’ ook een kleur kunnen hebben, denk bv. aan een land als Saudi-Arabië. Al is het wel zo dat de witte privileges wereldwijd wel gespreid lijken te zijn. Enkele voorbeelden van witte privileges zijn als je solliciteert of een huis zoekt, gebruik je je eigen naam; als je je treinabonnement vergeten bent, praat je je er uit; als je ergens stage wil gaan lopen vraagt niemand je wat je religie is; als je spreekt, spreek je voor jezelf en niet voor een hele gemeenschap; enz… Anousha Nzume schreef er een treffend boekje over getiteld ‘Hallo witte mensen’ en Dalilla Hermans heeft het er ook over in haar boek ‘Brief aan Cooper en de wereld’.

Eens je je bewust wordt hiervan, lijkt het wel overal een rol te kunnen spelen. Op een bepaald moment komen we dan bij de vraag: ‘En wat kan je daar nu aan doen?’ Tja, dat is natuurlijk een lastige. Veel mensen voelen zich gewoon machteloos of schuldig. Anderen worden er boos om en brengen in dat zij toch ook geen gelukkige jeugd hebben gehad. En vaak terecht vragen zij ook om erkenning van hun leed. Als we hier bij blijven stilstaan, dreigt de bewustwording van witte privileges een groeiende splijtzwam tussen ons te worden. Het drijft ons uit elkaar. We kunnen niet begrijpen hoe erg het voor die ander is. We kunnen niets doen, want ofwel is het paternalistisch wat we doen ofwel systeembevestigend. Binnen de kortste keren  dreigt het aankaarten van witte privileges de segregatie alleen maar in de hand te werken. Tenzij… we het eens omkeren. En nu kom ik terug bij waar mijn verhaal begon: het compliment. Mohameds stelling was: je hebt altijd een keuze. Er is het systeem en dat is knap lastig om te veranderen. En ja, je bent geboren waar je bent geboren, met de huidskleur die je hebt, daar kan je niets aan veranderen. Maar je hebt wel agency, de macht om iets te doen. Het bewust gebruiken van je witte privileges kan dus ook iets doen kantelen in de samenleving. En hij gaf toen als voorbeeld: “Dat Fanny mij vraagt als spreker is haar privilege gebruiken op een goede manier.”

En ik realiseerde me dat ik dit dus al jaren doe als ik ergens de verantwoordelijkheid heb over een programma: mensen uit de groep waarover gesproken wordt, aan het woord laten. Ik sla bruggen en gooi deuren open waar ik kan. Dus ja, dat compliment voelde als een erkenning van de inspanningen die ik hiervoor doe en de kritiek die ik hier soms ook op krijg. En het compliment raakte ook een dieper laagje: ik spreek immers zelf zo vaak over diversiteit. Waarbij ik zeker ook altijd mijn eigen kruispunt in beeld breng, vanwaaruit ik spreek, kijk, handel. Daarin is de eigen ervaring van gepriviligieerd en niet-gepriviligieerd zijn zeker ook een rijke bron. Ik heb hard aangebokst tegen mannelijke privileges en doe het soms nog. Ik heb mijn ervaring als eerstegeneratiestudent en dat is zeker een bruggetje naar studenten met roots in migratie, die dat soms ook zijn. Dus, ja ik mag spreken! En tegelijkertijd zei een stem ik mij ook: en het is tijd voor andere stemmen. Ruim baan voor hen! Dit jaar gaf ik het coördinatorschap van het vak interculturele begeleiding door aan twee jonge collega’s allebei met roots in migratie maar vooral allebei zeer competent! Ik ga in het verder uitrollen van het PEACEmodel (model voor interculturele competentie) meer en meer werken met freelancers die de workshops geven. Het zijn bijna allemaal zelf mensen met een verhaal op een specifiek kruispunt van diversiteit. Dat gaf me dus een goed gevoel. En toch maakte het compliment van Mohamed mij ook triest. Triest dat jonge competente mensen dus dat zetje van iemand als ik nodig zouden hebben. Enerzijds herken ik het en wenste ik dat ik zo iemand gekend had, anderszijs voelt de rol dus ook erg vreemd aan voor mij. En wat me droevig maakt is dat dit de staat van onze samenleving is. En dat brengt me natuurlijk weer bij mijn missie.

Ik merkte dan ook dat ik de laatste twee weken vol vuur dit thema van privileges overal verspreidde.


  • Ik sprak een publiek van mensen uit het onderwijs toe op de Verusdag rond identiteit. Ik startte mijn lezing met een wat ongewoon selectieproces voor een nieuwe medewerker. Ik shockeerde de witte mannen in de zaal wellicht omdat ze niet gekozen werden, maar dat voelde eerder als een morele oproep. Sta stil bij de vanzelfsprekende normen die je hanteert in werving ne selectie in het onderwijs, in de keuze voor je lesinhouden, in de didactische werkvormen. Het merendeel van de tijd is onderwijs en reproductie van de heersende rangorde en de privileges in de samenleving. Als we jongeren voorbereiden op de toekomst zou onderwijs een motor tot verandering kunnen zijn: als ze deze normen eens durfde in vraag stellen en niet zij die afwijken van de normen berispt. Tja, ik had de zaal op voorhand gewaarschuwd… En hopelijk bracht ik het met genoeg compassie.
  • Ik deed de privilegewalk met een 50tal hulpverleners. Het effect was er. Mensen werden zich erg bewust van de toch wel grote afstand tussen hen en hun cliënt. En ook werden sommige andere mensen in de workshop zich bewust dat ze nu op een plaats stonden waar ze alleen maar van konden dromen. En er kwamen persoonlijke verhalen naar boven: een psychiater uit Afghanistan getuigde, een vrouw die lang op straat had geleefd zonder papieren deed een stukje van haar verhaal. We dachten na over professioneel nabijzijn, elk vanuit onze eigen identiteit op een kruispunt.
  • Ik begeleidde een groep waar de interne rangorde (en daarbijhorende privileges) het issue van hun conflict leek te zijn. Met de tools van Deep Democracy gingen we aan de slag om te verkennen hoe er anders zou kunnen samengewerkt worden. En dat verkennen startte bij erkennen. Soms een pijnlijk besef van de positie waar we inzitten.
  • Ik was op de Vrouwendag en schrok van de niet-erkenning aan mijn gesprekstafel rond het witte karakter van onze samenleving en zijn regels vertaald in het huidige onderwijs. Hoezo dan die katholieke feestdagenkalender? De nadruk op schuldbesef bij het maken van fouten door leerlingen?  De geschiedenis gezien vanuit het perspectief van de witte bange blanke man? Ik leek de enige aan tafel die zich bewust was van het diep ingesleten niet allen institutioneel racisme maar ook institutioneel katholicisme. Nochtans is de parallel met wat de feministische beweging aankaart zo groot. Het leek of we allemaal opgesloten zaten in ons hokje.
Als we dus rond rangorde en privilege wilen werken, ben ik het volmondig eens met wat filosofe Anya Toploski daarover zegt: ook privilege moeten we intersectioneel denken. Wat zijn de privileges en wat zijn ze niet op ieders specifieke kruispunt. En in de samenleving waar ik nu leef, denk ik dat we dan het katholieke karakter en de klasseachtergrond niet mogen vergeten. We denken dat we dit van ons hebben afgeschud, maar niets is minder waar. En het toont zich vaak net wanneer het gaat over dit thema van wit privilege en mensen hun eigen kwetsbaarheid daartegenover zetten. Robin DiAngelo spreekt in dit verband over witte fragiliteit: het psychologisch onvermogen van witte mensen om met kleurgerelateerde stress om te gaan. Ik denk dat het tijd is om niet kleurenbang of kleurenblind te zijn, maar kleurenlef te hebben. Durven benoemen, erkennen en omarmen van verschil.

Ik hoop dat deze blog je aan te denken zet om je eigen privileges te gaan erkennen en in te zetten om bij te dragen aan de noodzakelijke veranderingen in de wereld. Trap niet in de val van zij die dit discours van witte privileges aanvatten om ons weer uiteen te spelen, om de groeiende solidariteit tussen ons een stok in de wielen te steken. Nee, laat dit een oproep zijn om onze macht en kracht te gebruiken om kantelmomenten te creëren in de transitie naar een meerstemmige samenleving.

dinsdag 10 oktober 2017

Doorstaat Deep Democracy de interculturele toets?

Afbeeldingsresultaat voor sterren

Zon, maan, sterren,
Aan de hemel staan veel sterren
Daar staan ook hele stammen:
Kinderen, vrouwen, mannen –
Allen zijn sinds lang al sterren.

Gebed van de Xam

Deze tekst las ik vanmorgen toen ik willekeurig een bladzijde openlegde van het mooie tekst- en fotoboek ‘Wijsheid uit Afrika’. Het bracht me terug bij een intense week van Deep Democracytrainingen geven. Heel wat deelnemers faciliteren groepen (als coach, teamleider, trainer, hulpverlener) waar verschil aan de orde van de dag is. Verschillen in leerstijlen, in persoonlijkheden, in leeftijd, gender,… en ook etnisch-culturele verschillen. Gelinkt aan de toenemende migratie in deze samenleving, gaat verschil de laatste tijd steeds meer over etnisch-cultureel verschil.  We stellen ons vragen of de methodes die we hanteren wel cultuursensitief zijn, we zien een andere soms mindere impact van de werkwijzen die we voorheen met succes gebruikten.

In deze meerstemmige samenleving stellen we ons dus terecht ook deze vraag: hoe universeel is de methode Deep Democracy ? Kan iedereen dit wel: zeggen wat er gezegd moet worden, direct zijn, spreken vanuit je ik.

Wat reflecties hierover deel ik graag met je:
  • ons deze vraag stellen, is dat geen toonbeeld van wit superioriteitsdenken? Zo van: wij kunnen dit wel, maar ‘die anderen’, met hun ‘andere cultuur’, hun ‘lagere scholing’, hun ‘mindere taalvaardigheid’, enz… Dat we ons deze vraag stellen is op zich misschien al een voorbeeld van indirecte communicatie. Wat is de directe boodschap die hieronder zit? Wat willen wij zeggen die die vraag stellen? Misschien dat we ons er zelf niet altijd even comfortabel bij voelen? Zijn wij niet bij uitstek opgegroeid, zeker in België, in een zeer conflictvermijdende cultuur, erg onzekerheidsvermijdend ook. Tja, dan is zeggen wat er gezegd moet worden en niet weten wat er dan zal volgen als reactie, wel heel erg spannend…
  • meer nog, als we wereldwijd bekijken waar deze methode ontstaan is, namelijk in Zuid Afrika en waar ze het eerst ingang vond, is het duidelijk dat deze methode mensen appelleert die groot zijn geworden in collectivistische/groepsculturen, culturen ook die meer verbonden zijn met voorouders. De Aboriginals in Australië bijvoorbeeld herkennen deze methode meteen als ‘dat is wat wij altijd gedaan hebben’. Misschien zit het nu in een ander jasje verpakt, maar het onderliggende gedachtengoed is zeer herkenbaar voor culturen die in gewoontes en gebruiken misschien ver van ons af staan. Deze methode laat bijvoorbeeld ook geestrollen spreken, de stem van mensen die afwezig zijn of er niet (meer) zijn en toch van invloed zijn. In vele Afrikaanse gemeenschappen vindt men dit helemaal geen gek idee. Als je daar vraagt wat de toekomst zal brengen, zegt men ‘vraag het aan de voorouders’. Ook Mindell zelf ziet heel veel linken tussen zijn werk  en het werk van sjamanen. Zo is hij erg geïnspireerd door de lessen van Don Juan opgetekend door Carlos Castaneda en werkte hij in West-Afrika al zij aan zij met lokale sjamanen.
  • en niet alleen dit geworteld zijn in wijsheden uit andere culturen, maar ook het andersculturele perspectief krijgt veel ruimte in deze methode. Die gaat bij uitstek over het beluisteren van minderheidsstemmen. En niet alleen in de inhoud van wat gezegd wordt kunnen we naar een minderheidsstem luisteren, maar ook in de vorm van wat mensen zeggen. Daarin klinkt soms een heel verhaal door bv. het verhaal van kolonialisme, dat zij zelf niet hebben meegemaakt, maar dat wel intergenerationeel ingeschreven staat in een manier van naar het leven kijken. Deze mensen spreken vanuit IK maar geven betekenis vanuit een WIJ. En dat is een andere vorm van direct spreken. Als trainer of facilitator in deze methode zijn het vaak deze momenten in groepen, deze hot spots, die je met beide handen aan wil grijpen omdat het kansen zijn op verandering niet alleen voor de mensen in die bepaalde context, maar zo werk je echt aan verandering in de wereld.  
  • als Deep Democracytrainer gebruik je je skills, maar meer nog je metaskills. Ik noem er twee: compassie en je intuïtie. En wat is intuïtie dan een dieper weten, een toegang hebben tot oude wijsheid. En wat is compassie? Een waarde, die intergenerationeel, interreligieus en intercultureel ingebed is. Karen Armstrong deed er uitgebreid onderzoek naar en startte ene wereldwijd platform voor compassie.

Deep Democracy en de onderliggende procesgeoriënteerde psychologie is een benadering die de Westerse psychologie - die erg individueel gericht is en veel belang hecht aan het ego – bekritizeert. In de procesgeoriënteerde psychologie gaat het niet om groei van het individu maar wel groei in bewustzijn. Bewustzijn - of de A+ in het competentiemodel van Fantini, dat we eerder gebruikten als bron voor het ontwikkelen van een model voor interculturele competentie - is het doel van onze interventies. Als we ons kunnen bewustworden van wat er gebeurt in een groep, wat er gebeurt bij mij, wat van mij is en wat van de ander en ik stop met projecteren en ik me toeëigen wat van mij is.  Zo groeit bewustzijn en kan je een keuze maken. Deep Democracy gaat dus ook over actie. Vanuit bewustzijn, bewust in het leven staan, ook in dagdagelijkse keuzes. Dat is hoe ik, wij en de wereld vooruitgaan . En die ideeën rond groei in bewustzijn komen we overal ter wereld tegen in verschillende religies en spirituele tradities: van mindfullnes tot de Tao, van vipassana tot de I Ching.

De betekenis van ‘deep’ in deep democracy gaat over wijsheid en potentieel en kan dus evengoed gaan over wijsheid die we leren van de mensen die al sterren zijn.

Vrijdagavond ging ik naar het bedankingsfeest voor de vrijwilligers van de vzw Prinses Harte. Een vzw die vanuit een tragisch verhaal, het verlies van hun jonge dochter aan kanker, is uitgegroeid tot een warm initiatief dat kinderen  in moeilijke periodes van hun leven troost en moed wil geven door schonheid te brengen via poppen, dekentjes,… Ouders getuigden over het leven en de overgang tussen leven en dood en ook zij zien en voelen hun kinderen in de sterren. Universeler kan toch niet?

vrijdag 1 september 2017

Nieuw boek op komst



Deze prachtige bookartfoto zegt precies hoe ik me voelde tijdens het schrijfproces deze zomer. Ik schrijf momenteel aan een boek over Deep Democracy, een methode voor inclusieve besluitvorming en conflictresolutie. Ik geef trainingen en begeleid mensen en/in organisaties met deze methode. Ik heb dus heel wat materiaal verzameld: kennis, werkvormen, praktijkervaringen en ideeën die uit dit werk voortvloeien. Zoals de draak die verschijnt vanuit de letters en de pagina's. Het wordt meer en groter en je begint je ook vragen te stellen terwijl je schrijft. Bijvoorbeeld de vraag of deze methode wel sterk genoeg is om het op te nemen tegen de vele uitdagingen van de wereld vandaag? Want soms voel je je eerder als die kleine strijder die het opneemt tegen de draak. Of is het samen met de draak? Het volgende stukje uit mijn boek gaat hierover. Het is getiteld 'De wereld staat in brand'. En het begint met een citaat van Arnold Mindell.

“It’s up to us. We can avoid contention, or we can fearlessly sit in the fire, intervene and prevent world history’s most painful errors from being repeated.” - Mindell

Wereldwerk is proceswerk toegepast in kleine en grote groepen, gemeenschappen en organisaties, internationale meetings en gebeurtenissen en problemen met planeet aarde. Voor Mindell is het duidelijk: organisaties, gemeenschappen en naties die vandaag en morgen nog willen overleven, zullen diep democratisch moeten functioneren: iedereen en alles telt mee. 
Met het woord ‘diep’ in deep democracy beoefenen we een vorm van inspraak en participatie die dieper en verder gaat dan de meerderheidsdemocratie, omdat we de minderheidsstemmen mee in rekening brengen. De tweede betekenis van diep schuilt hem in het materiaal waarmee gewerkt wordt. Niet alleen rationele argumenten, maar ook onze emoties en andere gewaarwordingen mogen ingebracht worden en zijn zelfs noodzakelijk om tot fundamentele antwoorden te komen.  Mindell geeft een interessant voorbeeld van een ongewone synergie: de noodzaak van een samenwerking tussen vredesinstituten en gezondheidsonderzoekers. Hij ziet immers parallellen tussen lichaamssymptomen/ziekten en structurele problemen in onze wereld. Hij zegt: de twee belangrijkste wereldproblemen vandaag zijn onderdrukking en uitbuiting. De twee belangrijkste welvaartsziekten zijn hartproblemen en kanker. Onderdrukking en cardiovasculaire problemen hebben met elkaar gemeen dat ze beiden de circulatie verhinderen. Uitbuiting en kanker hebben met elkaar gemeen dat een deel van een menselijk of sociaal organisme leeft op kosten van de ander. Ons hiervan bewust worden kan innovatieve en inspirerende inzichten bieden. 

In de Deep Democracyprocessen die ik al begeleidde in organisaties, merk je vaak ook dat we komen tot onverwachte inzichten en connecties tussen problemen die eerder niet werden opgemerkt. Dit holistisch en verbindend werken is typerend voor Deep Democracy! En net dat kan de wereld vooruithelpen op dit moment.

Als we democratie echt au serieux willen blijven nemen, dan moeten we ons afvragen hoe we meer ruimte kunnen geven aan verschil. Vanuit het Westen geven we vaak hoog op over onze democratische principes en waarden, maar als we eerlijk zijn moeten we misschien stilaan toegeven dat de manier waarop we democratie zijn gaan invullen wel op zijn laatste benen loopt, dat het model aan slijtage onderhevig is. Ik zou geenszins willen pleiten dat samenlevingen in verandering zomaar klakkeloos dit model zouden overnemen. En je ziet ook dat waar daartoe een poging wordt gedaan al snel een dictatuur het weer overneemt. Zoals in enkele staten na de Arabische Lente. Zeker, er speelde mee dat mensen na jarenlange onderdrukking misschien niet klaar waren om hun stem te laten horen, maar wat ook meespeelde is dat het huidige model van democratie te weinig speelruimte liet om te passen op wat er zich afspeelde in deze samenlevingen in verandering.

Het Griekse woord democratie betekent letterlijk de macht aan het volk. Maar de grote vraag is natuurlijk wie ‘het volk’ nog is. Zijn dat de mensen die een bepaald grondgebied bewonen, of alleen de mensen die legale verblijfspapieren hebben in dat grondgebied? Zijn dat de mensen die in hun natiestraat wonen of ook de mensen die buiten die natiestaat leven maar wel de nationaliteit delen? Zijn dat alle mensen of alleen zij boven de 18 jaar? Zijn dat alle stemgerechtigden of is er stemplicht? Kiezen we voor volksvertegenwoordigers of hebben we in feite een particratie die heerst?
In een samenleving die zo in verandering is -en dit is wereldwijd het geval-, door migratie, door een geglobaliseerde economie en door de invloed van multimedia is het oude begrip aan een nieuwe invulling toe. En hebben we dringend nood aan nieuwe praktijken. 

Er is immers geen tijd te verliezen, zoals Naomi Klein schrijft in haar boek No Time. Er is op dit moment een geweldige kans om te werken aan een rechtvaardigere wereldorde door en met het aanpakken van de klimaatuitdaging. Klein stelt dat politici het niet gaan doen, zij nemen het niet op voor de burgers en ook de economische actoren blijven reageren op shocks met maatregelen die de crises vaak alleen vergroten en eropuit zijn vooral de 1% rijken nog rijker te maken. Als we echt iets willen veranderen, zal het van onderuit moeten komen. Klein pleit voor een volksbeweging, die van het klimaat een crisis maakt! Apartheid was immers ook geen probleem tot anti-apartheidsbewegingen opstonden, seksisme was geen probleem tot feministen opstonden, rassendiscriminatie was geen probleem tot Rosa Parks bleef zitten in de bus. We hebben mensen nodig die hun stem durven laten horen. En die een visie en praktijk hebben die een beweging vorm kan geven.

Barack Obama zie hierover: “Verandering zal niet komen als wij wachten op een andere persoon of een andere keer. Wij zijn degenen waar we op hebben gewacht. Wij zijn de verandering die we zoeken.”

En wie zal om deze verandering vragen? Veel kans dat dit niet de blanke witte man, middel- tot hoogopgeleid is. In deze kringen vind je het meest klimaatsceptici en een groeiend aantal nationalisten tot rechts-extremisten. Het is een wit privilege om dit te zijn, zou je kunnen stellen. Zij kunnen zich door hun sociaal-economische positie beter beschermen (denken ze) zowel tegen klimaatverandering, als tegen armoede. Maar vooral: zij hebben zoveel te verliezen bij een andere economie. Deze groep heeft een grote systeemrechtvaardigende neiging omdat ze veel machtsposities bezetten nu. 

Het vervolg kan je lezen in het boek dat uitkomt... ergens in november! 

maandag 26 juni 2017

Zomerdromen

Gerelateerde afbeelding

Naar het concert van Coldplay gisteren en dus vandaag nog met mijn head full of dreams. En over een weekje weg op vakantie; hoog tijd om in te pakken, dus… Al lukt dat nog niet echt, moet ik toegeven. Met een tuin vol oogstrijp fruit zien mijn dagen er momenteel wat bizar uit: overdag vorming geven, daarna fruit plukken en laten wachten, administratie bijwerken en mails beantwoorden met vele leuke uitnodigingen voor opdrachten in de herfst en uitdagingen in het volgend voorjaar en daarna in de stille uurtjes als de nacht al aanbreekt heerlijke confituur maken. In potten gieten, het licht uit en naar bed. Niet meteen een gezond ritme, ik weet het. Ik zit erg in de DOEmodus. 

En met mijn HOOFD zit ik nog erg bij jullie, mijn  ‘klanten’, alle mensen voor en met wie ik werk. Ik neem in mijn koffer heel veel ideeën mee om verder uit te werken, te laten gisten en borrelen: DD voor leiders, DD voor scholen, DD voor ouders, trainers opleiden in het PEACEmodel,…Ik zie veel kansen en mogelijkheden. En de rode draad erin is dat ik wat ik ken en kan verder wil verspreiden in de wereld opdat er veel goeds mee kan gebeuren op die vele plekken waar het zo nodig is. 

En dat brengt me op wat ik in mijn HART meedraag van weer een vol jaar met goesting werken. De gevoelens in mijn koffer hoorde ik weerspiegeld in de woorden van Coldplay:

Oh I think I landed
where there are miracles at work 
for the thirst and for the hunger
come the conference of birds

Saying it’s true, 
it’s not what it seem
leave your broken windows open
and in the light just streams
and you get a head, 
a head full of dreams

you can see the change you wanted
be what you want to be
and you get a head, 
a head full of dreams

Een mix van hoop, positieve energie, dankbaarheid om de mooie wereld waar we in leven. Mijn zomerdromen nemen handen, hoofd en hart mee en willen Goesthing weer met veel goesting in de wereld zetten na wat welverdiende rust.

De zomer betekent voor mij: energie opladen door bij mijn gezin te zijn, in de weidse natuur, in de bergen waar ik zo graag ben, door wat schrijftijd, mediteren en Goesthing verderdenken. En ook zomerse energie geven in leiderschapscafés waar we aan de slag gaan met Deep Democracy, in de zomerweek in Ohey, in Thee&Taart in de tuin,… Verdiepen en verbinden, schoonheid en stilte, dat is wat ik nodig heb. En wat iedereen misschien wel nodig heeft: het is het LOVE&PEACEpaar uit mijn eerste boek.

Als ik de laatste weken in groepen was voor een vorming, een teamcoaching, een intervisie dan stelde ik vaak deze drie vragen: Wat DOE je? Wat VOEL je? Wat DENK je? In de nabespreking van een oefening, in het samen bespreken van een casus, in het delen van wijsheid in een team. Deze drie vragen openen ogen, deuren en harten naar nieuwe werelden tussen jou en mij en in mezelf. Het zijn drie vragen om elke dag bij stil te staan. Om je bewust van te worden in plaats van zomaar door te hollen. Het valt me op hoe moeilijk mensen deze vragen soms vinden. Zeker de vraag ‘Wat VOEL je’ lijkt vaak verder ondergesneeuwd. Al is dat een gek woord om te gebruiken nu er zoveel zon is :-)

De komende periode wil ik er een vierde vraag regelmatig aan toevoegen: wat WIL je? In kleine dingen (bv. wat WIL je eten?) als in grotere beslissingen (hoeveel WIL je werken?) wil ik bewustere keuzes maken en mensen bewustere keuzes laten maken. Ik ga mijn Deep Democracyskills dus volop toepassen op mezelf. Al weet ik in essentie waar veel van mijn keuzes overgaan: LOVE&PEACE. Het goede doen voor de mensen en/in deze wereld, met liefde en met oog op vrede en verandering na conflict.

En ik wens het jou ook toe: dat je kan stilstaan bij wat je wil vanuit wat je doet, denkt en voelt. En dat daar mooie zomerdromen uit mogen komen. Die jou en de wereld een stap dichter brengen bij deze essentie: liefde en vrede, met jezelf, anderen en in de wereld. Dat is tenslotte waar we finaal allemaal van dromen. Niet dan?

donderdag 25 mei 2017

Vijf jaar Goesthing



Een mens is op zoek naar inclusie, invloed en intimiteit. Anders gezegd stelt elke mens zich de vraag of zij in een bepaald gezin, in een groep, in een samenleving: Erbij hoort? Of haar stem gehoord wordt? Of ze er mag zijn met wie zij is? Deze drie i’s, deze fundamentele bestaansvragen voor een mens, eigenlijk is dat de kern van waar ik mee bezig ben in mijn Goesthingproject.

Het zijn de vragen die ertoe doen voor de mensen in de organisaties-in-transitie die ik begeleid, het zijn de vragen die zich stellen in onze wereld vandaag waar migratie en de klimaatopwarming het samenleven op scherp stellen én het zijn ook vragen waar ik zelf mee aan de slag ga op mijn persoonlijk en professioneel groeipad. Deze drie dynamieken van in-en uitsluiting, macht en onmacht, erkenning en verwerping zijn fractale patronen die je terug ziet keren in zoveel vragen van deze tijd. Ik laat je even delen in een aantal vormen waarin ik ze tegenkwam de laatste weken in mijn werk:
  • In het coachen van pioniers die tegen de stroom in varen, experimenteren en outside-the-boxdenken en handelen, stellen zij zich de vraag of ze wel thuishoren in de organisaties waar zij werken en waar stabiliteit, continuïteit en comfort ook belangrijke elementen zijn.
  • In het lesgeven over interculturele communicatie popt de vraag wie zich aan wie moet aanpassen weer veel meer op. Mijn discours over wederzijds van elkaar kunnen leren wordt al snel vertaald als een aanval op de ‘autochtone’ bevolking.
  • In het begeleiden van organisaties heb ik steeds meer oog voor dieperliggende kwetsuren die doorwerken tot in de dagdagelijkse interactie. Met de tools van Deep Democracy proberen we toxische stoffen te kanaliseren zodat er weer beweging komt in wat gestokt is in de communicatie, die vaak gevoed werd vanuit een angst voor conflict. Een angst om niet meer graag gezien te worden als je zegt wat je te zeggen hebt. Maar juist het niet aangaan van een conflict schaadt de relationele bedrading van een organisatie. En kan zorgen voor systeemtrauma of organisatieburnout.
  • In het geven van de Deep Democracy levels, wanneer we pijlen gooien, gaat het in de leergroepen over ‘Mag je scherp zijn? Zeggen waar het op staat?’ versus ‘Er is nood aan nuance, aan veiligheid’ of over ‘Ik ben een insider’ versus ‘Ik ben een outsider’ of nog ‘Ik voel me vrij om te zijn wie ik ben in deze groep’ versus ‘Ik voel me onvrij’. Door het gesprek tussen uitersten aan te gaan ontstaan creatieve voorstellen over hoe we met de groep verder aan de slag gaan en is er ook ruimte voor persoonlijke groei.
  • In mijn nabije omgeving zie ik mensen die aan de deur gezet worden omwille van hun mening, omwille van wie ze zijn en vooral welke (minderheids)stem ze laten horen. En ik besef dan dat het in zekere zin ook een luxesituatie is om zelf ondernemer te zijn, zelf te kunnen bepalen wat jouw boodschap is, zo radicaal te mogen zijn als je zelf wil. Met als bottomline natuurlijk wel dat er klanten zijn die je boodschap willen horen.

Goesthing bevordert de PEACEpraktijken. Zowel voor mij, de mensen in de groepen waarmee ik werk en ik hoop zo een bijdrage te kunnen doen aan deze wereld-in-transitie. Om het tij te keren hebben we nood aan andere praktijken, andere wijzen van denken en handelen. Ik vatte ze in mijn eerste boek samen in het letterwoord PEACE. Bij Goesthing:
  • Praten we vrijmoedig: over wat we waarnemen en voor waar aannemen. 
  • En-en denken en handelen we: door te leren wat er zich in heel verschillende contexten en vanuit verschillende perspectieven aandient, ons oordeel uit te stellen en eens breder en dieper te kijken dan onze neus lang is.
  • Aanvaarden we anderszijn, omdat we ons realiseren hoe anders we zelf zijn. En we oefenen mildheid. En we komen onze grenzen tegen en leren die expliciteren.
  • Creëren we Coöperatief door mensen en/in groepen samen te brengen met oog voor ieders bijdrage en een uitdaging net iets verder te laten gaan dan wat je kan of kende. We ervaren dat heterogeniteit in een groep een meerwaarde kan zijn in het samenwerken
  • Ervaren van Eigenwaarde is wat we willen bereiken voor onszelf en iedereen waar we mee samenwerken. Als mensen zich erkend weten in wie ze zijn, dragen ze bij aan een wereld waar LOVE&PEACE geen utopische woorden meer zijn!

Dit werk mogen doen, elke dag opnieuw maakt me heel dankbaar. Ter gelegenheid van Goesthings 5-jarig bestaan wil ik dan ook graag wat Gouden Pijlen schieten:
  • Naar mijn klanten: dank voor het vertrouwen en de groeiruimte. 
  • Naar mijn Thee&Taart heldinnen en gasten: dank voor de bijzondere en inspirerende bijeenkomsten. 
  • Naar alle DeepDemocracy-cursisten, facilitators, instructors, supervisors en elders die op mijn pad kwamen: dank om zo’n waardevol werk in de wereld te brengen.
  • Naar mijn intieme kring: mijn partner, kids en vriendinnen: dank om te geloven in mij met de nodige kritische noten die me op het juiste pad houden.
  • Naar de natuur: dank om me rust te geven en krachten op te doen.
  • Naar het Universum: dank voor het appèl dat ik mag voelen om in deze wereld een verschil te maken.

En na 5 jaar gaan we natuurlijk door! Heel veel plannen zitten in mijn hoofd, veel projecten liggen in mijn handen en met veel warmte in het hart wil ik verdergaan op dit pad. Wat je mag verwachten?
  • Een tweede boek: ‘Koken met groepen’ is de werktitel en het gaat over het Deep Democracy-werk in relatie tot de wereld vandaag.
  • Nog meer en een gevarieerd aanbod in Deep Democracy.
  • Een nieuwe website, in samenwerking met de Communicatieklusser
  • Nog meer Thee &Taart.
  • Train the trainers zodat meer mensen interculturele communicatie en competentie kunnen verspreiden in de wereld. 
  • Love&Peace-workshops
  •  Inspirerende lezingen

Dus… tot gauw!
Fanny


dinsdag 18 april 2017

Deep Democracy geeft je vibes


Het laatste jaar werk ik actief in een aantal organisaties met de tools van Deep Democracy. Deep Democracy is een methode die aan besluitvorming doet met inclusie van de stem van de minderheid. En die een specifieke aanpak hanteert in conflictresolutie, waarbij verschil niet geschuwd wordt. De organisaties waar ik mee werk, geven me feedback over hoe Deep Democracy voor hen werkt door wat ze zeggen en hoe ze evolueren. In deze blog deel ik graag die feedback met jou. Ik vat ze samen onder de titel ‘Deep Democracy geeft je VIBES’.

De V staat voor VITALITEIT. Deep Democracy gaat aan de slag met mensen en/in organisaties en kijkt naar organisaties als levende systemen. Waar oude patronen soms zo ingesleten zijn dat ze deel uit gaan maken van het DNA van een organisatie en dat ze voor wie er dagelijks in leeft onzichtbaar worden. Patronen die het waard zijn om te behouden omdat ze levengevend zijn en patronen die tegenwerken of in de weg staan van noodzakelijke veranderingen. Ofwel omdat de organisatie aan verandering toe is of omdat de context waarin de organisatie werkt aan verandering onderhevig is. Aan dat laatste ontsnapt trouwens geen enkele organisatie meer. De samenleving rondom ons verandert aan zo’n sneltempo dat geen enkele organisatie nog kan blijven wie ze was zonder een fossiel te worden. De tools van Deep Democracy kunnen helpen om de noodzakelijke stappen te zetten in de richting van innovatie en creativiteit. Getuige volgende reactie: “Door bewuster te zien en te kunnen benoemen, ook tegenover elkaar, wat ons tegenhield, is er ruimte gekomen om vernieuwende ideeën een kans te geven tot bloei te komen. We zijn als team en als organisatie gegroeid, niet alleen figuurlijk maar ook letterlijk, oa in onze omzet.”

De I staat voor INCLUSIE. In elke groep stellen mensen zich de vraag: hoor ik erbij of niet? En wat is er nodig om bij deze club te horen, of ook hoe geraak ik er in? In elke organisatie zijn er geschreven en vooral ook ongeschreven regels die bepalen of je erbij hoort.  En tussen teams en afdelingen of tussen organisaties of mensen in organisaties spelen in-en outgroupfenomenen, Wie behoort tot de club, tot de kliek, dat zijn ‘de goei’ en die kunnen niets fout doen, meer nog elke prestatie, ook al is het een meevaller wordt aan hun kunnen en kennen toegeschreven. Bij de outgroup is dat net het omgekeerde: als zij een fout maken, wordt het aan hen persoonlijk toegeschreven, wat goed loopt is puur toeval. Dat is wat we de fundamentele attributiefout noemen. Als we dit niet zien, resulteert dit vaak in een verregaande polarisering en verharding van conflicten. De DDtools helpen om weer helder te zien in wat er zich voordoet in een groep, in onze toeschrijvingsgewoontes. Door met elkaar in dialoog te gaan nemen we onze projecties terug. De anderen die toch zo anders waren blijken ineens hetzelfde te willen als wij. We delen misschien meer dan wat ons verdeelt. En waar we anders in zijn, kan misschien een verrijking zijn. Hoe nemen we die andere stem mee? Wel in de methode van inclusieve besluitvorming staan we niet alleen stil bij wat de meerderheid wil, maar we luisteren ook naar de minderheid en wat die kan toevoegen. Dat leidt soms tot verrassende resultaten.
Een getuige vertelt: “Door consequent de vraag te stellen ‘wat heb je nodig om mee te kunnen gaan’ kwamen er nieuwe en onverwachte toevoegingen naar boven. En waar we dachten dat het telkens dezelfde mensen zouden zijn die die lastige minderheid vormden, het tegenkamp, bleek dit lang niet altijd het geval te zijn. Ik ontdekte dat ikzelf soms ook veel meer tegen was dan ik zelf gedacht had. “

De B staat voor BEWOGENHEID, de emoties die ons leiden naar echte betrokkenheid en engagement. We komen maar in beweging als iets ons raakt. In de processen van Deep Democracy staat de deep voor het werken met diepere lagen van de ijsberg die wij zijn als individuen en als groep. Niet alleen rationele elementen spelen dan een rol, maar ook emoties en niet-rationele elementen krijgen ruimte. Ze zijn soms even waardevolle richtingaanwijzers naar een oplossing. Meer nog onder de waterlijn ontdekken we wat ons werkelijk drijft, wat ons beweegt. Ook al zijn het aanvankelijk soms ‘negatief’ geladen emoties. Eigenlijk is er geen negatief of positief. Er is wat er is en daar werken we mee.
Een getuige: “De ongelofelijke woede die nu in me naar boven kwam, was echt een verrassing voor mij. Daar bij stilstaan en dat dat er mocht zijn, deed me beseffen hoe ver-ont-waardigd ik was. En dus wat voor mij zo van waarde was. Dat was het keerpunt in mijn relatie.”

De E is de mannelijke tegenhanger van de eerder vrouwelijke component hierboven. De E duidt op EFFECT, op resultaten. En ook die zijn er duidelijk als je met de DDtools aan de slag gaat. Een manager in een overheidsbedrijf doet vaak en wanneer het maar past een check-in. Zo komen agendapunten die toch spelen en vroeger de bespreking in de vergadering saboteerden sneller boven water. Resultaat: er wordt korter en efficiënter vergaderd en er zijn minder frustraties in het team. Een ander merkbaar en meetbaar effect, vertelde een teamleider uit de hulpverlening: “Sinds ik met de Deep Democracytools aan de slag ben gegaan is er minder ziekteverzuim in mijn team. De werksfeer is merkelijker beter; dat zal er zeker mee te maken hebben.”

De S van SAMEN: Deep Democracy zorgt ervoor dat we de samendimensie, die we zo vaak kwijt zijn in deze wereld vandaag, terugvinden. Niet voor niets is deze methode ontstaan in Zuid-Afrika en staat ze dichtbij benaderingen als Ubuntu. “Ik ben omdat wij zijn”. Dat is alvast een heel ander uitgangspunt dan “Ik denk dus ik ben.” Deep Democracy tracht het wij/zij denken te overstijgen en vertrekt ook fundamenteel vanuit het collectief ipv vanuit het individu. In die zin is het een benadering die zeker ook enkele van onze culturele codes kraakt. Een ervaren procesbegeleider zegt het zo: “Nooit keek ik naar een groep als een collectief; het is wonderlijk wat je ziet als je zo gaat kijken. “

Voor mij is het duidelijk: Deep Democracy geeft je vibes!

Interesse gewekt? Ga zelf aan de slag met de tools van Deep Democracy en volg een cursus bij Goesthing om dit te leren.


In gesprek met Myrna Lewis over het werken met Deep Democracy als het extreem wordt



In the world today polarisation is omnipresent also in our daily conversations. How can Deep Democracy find answers to questions that occur in interaction between people. Is the method strong enough to sit in the fire? Myrna Lewis, founder of the Lewismethod of Deep Democracy in conversation with Fanny Matheusen, instructor of the method in Belgium.

Fanny: In organisations where I worked lately I met a lot of ill and insane people. The roles of autism, and psychopathy were present in these organisations. Sometimes in a very extreme way. Often also attached to people in leadershippositions. The team where I worked with  outed the desire to throw them out, to get rid of these people. I know from my Deep Democracyperspective that although you can ask or oblige people to leave, that the role will stay. So these practices, urged me to state these questions: is there always a pathway to keep everyone on the bus? Is it safe to spread the role if this is a role of insanity?

Here are some thoughts form Myrna’s side: For people with specific problems or needs, the Deep Democracy method surely offers opportunities but is as well a challenge or burden in other ways. If we talk about autism what would surely help a person in a leadership position is to be able and to learn to follow the four steps in decisionmaking. The guidelines structure for them the interaction. What would be difficult for people with autism is that they don’t talk so easily about emotional stuff. They would prefer to talk about taskoriented stuff. So we will need the others to bring in the emotions. And here’s an insight: everyone finds it hard to bring in emotions, we’re not used to do that. So in a way there’s no need tot make autism bigger than it is. Normalize it and recognize that in a way we are all autistic. People with autism can be seen in this way as a gift for others or their organisation. They give us the opportunity to become aware of this side in ourselve that is afraid, confused to express emotions.

Fanny: That is a beautiful way to loosen the burden of this role of autism. And at the same time I realize that this will not do as an answer to the problems of the team I have in mind. They really ask themselves: ragarding that this person holds the role of autism so strongly, can he be not in the right position. So in a way they ask themselves : do we want a person with autism in a leadershiprole or is it not compatible?

Myrna: You can have a debate about this question. It is sensitive but can bring a lot of wisdom in the group if you can clearly state the debate: like for instance the question: is he in the right position or is he not? In earning the grains, you give people the opportunity to take back projections and see  what’s their part in what happened. As well for the team as for the leader.

Fanny: But what with the role of psychopathy in a leadership position. To me it seems a thougher role to tackle because what’s typical about psychopathy is that the people who hold this role are often very bright, intelligent and strategic clever. They will not take any account on what’s happening, but often put the blame on their ‘victims’.

Myrna: To resolve tensions in such a team where psychopathy is a role, the first thing to do is to recognize that there was a system default. A person can play out the psychopath as long as other people don’t talk about what’s happening with each other. The psychopath tackles them one by one. And if they do not talk amongst them, he can keep on doing what he does. In a way the ‘victims’ become perpatrators by not speaking out. That’s why there’s often a feeling of guilt. They didn’t assist each other. So in a way you need to flip it. They talk about a person that did harm to them, but ask them: what do you do now? And what did you do? Everybody is taking part in the system. To recognize this is the first step in healing. More difficult and, to be honest, maybe not possible even, is to get the person in the psychopatic role to recognize this. Those people are one of the thoughest groups to work with. They don’t feel any guilt.

Fanny: And once people recognize what happened, a lot of stuff deep down under the waterline, you can start using the tools to lower the waterline and resolve the tension further?

Myrna: Exactly. That would be the next step to do. Where craziness is in the room, it tends to weaken when you give people tools to tackle it.

Fanny: One of those very powerfull tools is throwing the arrows and go into conflict. The question I want to ask you here is about the premisses before we go into an argument or a Let’s Talk. Before we even start, we go through tree premisses: no one has the monopoly on the truth; we do this to learn; we are in relation. Anyway how you state it, these are very important principles. And unless you have an agreement, you cannot start the process.  So my question at this point is, what do you do when people don’t agree? When they say f.e. ‘these are not people for me, not humans, so I’m not related’ or ‘I am right, I have the truth’

Myrna: Can you give an example of when and whare this could happen?

Fanny: I’ll tell you an example, not out of my own practice, but of some participant in the course. She told the story that she was living in a neighbourhood with much racial tension and problems in living together. She wanted to do something about it trying to use the Deep Democracytools. She organised a meeting with people of the neighbourhood. The polarisation came out strongly and right at the beginning of the meeting. She wanted to have the argument but people didn’t agree on the premisses. She felt inconvenienced. The meeting stopped and people went home with the unresolved tension. I confirmed her that in anyway it was the right thing to do not to have the argument. I also think she was not in the neutral position. That could have caused even a more stronger polarisation. So maybe she should call someone in from the outside to facilitate. Would that be an option you think?  I’m curious to hear your view.

Myrna: If people don’t want to be in relation, we cannot use the Deep Democracytools, that’s clear. The first thing to do here, as I see it, would be to talk in their groups separately. The tensions in the ‘black’ group and the tensions in the ‘white’ group should be tackled first. And than there would be space to see if they could work together. So in the group that wants integration, they need to look at the existing racism they have. This role will come up if they talk to each other in this group. In tackling the isuue of prejudices and racism amongst them, they already heal the field. They can think now about ways how to approach the other group. In the white racist group, the group that don’t want even to speak to people of colour or their ‘integration-friends’, you need te search for some sprankle of connection. In a way they would have a question about: ‘if we want to live here, how do we let make it work?’ You could have a debate on this. And try to gain as much rolefluidity as possible in healing the field. In both groups a neutral facilitator is a must. The woman that initiated the meeting now, was herself too much involved and even if she could have taken a neutral stance she would not have been seen by the others as neutral enough.

Fanny: Yes, sure, because there where already so much stereotypes going around. In such a field, neutrality becomes even more important.

Myrna: Indeed. Stereotypes make us not want to see the person who he or she really is. We don’t want to go in relationship and so we hide behind the stereotypes. So stating: ‘I don’t want this connection’, ‘I don’t want to talk to them’ is in a way saying I don’t want to see the person. To get a breakthrough on this part you could use the metaphor of a divorce. It’s clear that two people divorcing don’t want to be related as partners. That’s why they divorce. But could there be a possibillity to parent together and stay related as parents?

Fanny: This metaphor can be very useful I think in setting out the why of the meeting where both groups would gather after having had their own sessions. This metaphor would lower the expectations of what will be the goal of meeting each other. We don’t have to be friends, but can we see how we can be neighbours?

Myrna: Yes, that’s also being in relation isn’t it?

Fanny: Thank you for this supervision talk. I will check in with some of my learners in exploring this further.